Je komt het ongetwijfeld tegeweerstandn in je werk: verandering. Je organisatie verandert. Of de markt verandert en klanten verwachten dat jij daarin mee gaat. Gaat dat vanzelf? Of gaat het met tegenzin? En wat doet dat met je? Als het om verandering gaat, dan wordt het woordje ‘Weerstand’ vaak in een adem genoemd. Maar wat is weerstand eigenlijk? In de natuurkunde is het ‘de eigenschap van materialen om de doorgang van elektrische stroom te beperken’. Een weerstandje is een onderdeeltje dat bewust in een elektrisch apparaat wordt gezet om de stroomdoorvoer te verlagen. In de communicatie tussen mensen gebeurt eigenlijk hetzelfde. Daarbij wordt de wederzijdse verbinding belemmerd door weerstand. Maar wat is dat eigenlijk? En wat kun je er aan doen?

Begin bij jezelf

Als je iets wilt veranderen bij de ander, dan kun je het beste bij jezelf beginnen. Want door je manier van communiceren kun je – onbewust – weerstand oproepen. Een voorbeeld. Stel je hebt een idee voor een nieuwe dienst, maar je collega reageert niet meteen enthousiast. Wat gebeurt er op zo’n moment? Jij denkt: het is een goed plan, daar moet ze het toch mee eens zijn? Ze moet niet zo moeilijk doen. Dit zijn jouw overtuigingen. En deze kunnen negatieve emoties bij jou veroorzaken, zoals boosheid of teleurstelling omdat de dingen niet zo lopen zoals jij het bedacht had. Of omdat je denkt ‘zie je wel, mijn idee is blijkbaar weer niet goed genoeg’. En daar ga jij in de weerstand. En daarmee bereik je zeker niet dat iemand anders enthousiast wordt!

Accepteer dat er weerstand is

Wat werkt dan wel? Accepteren is hier het sleutelwoord. Accepteer volledig dat je collega jouw nieuwe idee niet zit zitten. Laat de situatie zijn zoals deze is: ze heeft een andere mening. En dat kan, die heb jij ook wel eens toch? Alleen door dit te accepteren ontstaat de ruimte om er op een andere manier naar te kunnen kijken. En om je collega op een veel effectievere manier te benaderen. Verandering bij de ander begint dus bij je eigen verandering.

Mensen willen wel veranderen, maar niet veranderd worden

Mensen willen vaak best meewerken aan een verandering, als ze maar niet het gevoel hebben dat ze worden veranderd. Ze willen gehoord en serieus genomen worden. Invloed uitoefenen. En dat lukt niet als je alleen maar zendt. Als je wilt weten wat er speelt, dan zul je moeten luisteren en vragen moeten stellen. Dus ga in gesprek!

Benoemen, erkennen en doorvragen

Begin met het benoemen van wat je merkt bij de ander.  Bijvoorbeeld: ‘Ik krijg het gevoel dat je niet heel enthousiast bent. Klopt dat?’ Hiermee kom je weer in gesprek en maak je ruimte voor de ander. Vraag door naar de achtergrond van haar zorgen: Wat is de reden dat je deze nieuwe dienst niet ziet zitten? Vaak spelen er andere zaken op de achtergrond mee, dieper liggende overtuigingen of angsten. Zo achterhaal je wat er echt speelt en blijf je niet hangen in een welles-nietes spelletje. En erken de zorgen. Dit doe je door te luisteren en door samen te vatten en terug te geven wat de ander zegt.

Ontdek de mogelijkheden achter de zorgen

Wanneer je ontdekt hebt wat de grootste zorg is bij de ander, kun je daarover in gesprek gaan. De collega uit het voorbeeld kan bijvoorbeeld bang zijn dat er opeens veel meer werk op haar af komt. En daar zit dan weer achter dat ze bang is de controle over haar eigen werk te verliezen. Als ze dit beseft, dan ontstaat er een opening om te kijken wat de mogelijkheden zijn: welk verlangen er achter de weerstand zit. Dat kan bijvoorbeeld zijn: ik wil gehoord worden, ik wil invloed uitoefenen. Vraag haar dan hoe ze dit wil doen. De weerstand van je collega verdwijnt waarschijnlijk als ze haar eigen input kan geven over jouw idee.

Dus door de weerstand te accepteren, te benoemen, te erkennen en vragen te stellen creëer je de ruimte om open in gesprek te gaan. En de ander bij jouw idee te betrekken vanuit wat hij of zij echt wil: het verlangen achter de weerstand. En als je zelf moeite hebt met een verandering, vraag jezelf af: wat is mijn verlangen?